WITFOKKER AAN HET WOORD

Oog voor duurzaamheid
Door Jeroen de Vries

"Zo wil ik ze graag hebben," zegt Durk van der Zee uit Woubrugge wijzend op zijn elfjarige geit Celine 3. "Ze is dan wat wel hakkig, maar haar benen zijn sterk en ze heeft een ruime middenhand."
Juist deze eigenschappen maken volgens de fokker het verschil of een geit oud kan worden of niet.

Durk van der Zee heeft twee dochters van deze Celine 3 staan: de vierjarige Celine 30 (vader: Nooro’s Edwin) en de tweejarige Celine 37 (vader: Hircus Mascollo). De oudste van de twee heeft lengte, maar mist de ribbenkast van de moeder. De jongste heeft meer inhoud, maar is een stuk kleiner dan haar moeder en zus. Beide dochters staan goed op de benen.

Het beenwerk is op dit moment een sterk punt van zijn geiten vindt Durk. "Ze hebben 88 en 87 punten voor het beenwerk. Dat vind ik belangrijk omdat ik duurzame geiten wil fokken."
Dat zijn jongste geit hoogtemaat ontbeert deert Durk ook niet. "Deze geit is naar mijn idee prima in balans. Hoogte zegt niet alles. Marijke 90 van Piet van Haperen mat bijvoorbeeld ook gewoon 80 centimeter, terwijl deze geit volgens mij prima verhoudingen had."
Het wil niet zeggen dat Durk iets tegen grote geiten heeft. "Ik vind grote geiten prima, als er maar genoeg breedte en diepte in zit."

Celine 3 (AV85, uier 84. Nooro's Edwin x Celine 3) had van Durk iets meer middenhand mogen hebben. Celine 37 (AV85, uier 85. Hircus Mascollo x Celine 3) heeft volgens Durk goede verhoudingen.
 
Naam: Durk van der Zee
Woonplaats: Woubrugge (ZH)
Leeftijd: 43 jaar
Beroep: Gewasbeschermingsspecialist op een rozenkwekerij
Vereniging: De Rijnstreek
Aantal melkgeiten:
Aantal lammeren: -
Eerste Witte geit:
Celine (2002)
Beste zelfgefokte Witte geit:
Celine 22 (v. Riethoeve Wiebo)
Beste keuringsprestatie: Reservekampioen Vebo 2010 (Celine 22)
Hoogst ingeschreven voor AV:
Celine 22 (AV 87)
Witte voorbeeldgeit:
Grietje 34
Best fokkende Witte bok:
Riethoeve Wiebo
Van vader op zoon
Geiten heeft Durk altijd gehad. "Mijn vader had vroeger allerlei dieren. Koeien, varkens, schapen en dus ook geiten. Ik heb wel een periode gekend dat ik andere dingen belangrijker vond, maar geiten zijn er altijd geweest. Je ziet het vaak op deze manier met onze hobby. Het gaat van vader op zoon. Mijn vader stond vroeger in de keuringsring met de vader van Jan de With. Het is leuk dat je zelf jaren later elkaar weer tegenkomt."

Durk maakte sinds 2007 deel uit van de fokcommissie Wit. Hier is onlangs een eind aan gekomen, omdat hij het druk heeft met zijn werk. "Het was altijd gezellig. Vooral de vergaderingen bij Bertus Hutten thuis," blikt Durk terug. "Dan zit je dus vrijdags om vijf uur ’s middags in de auto richting Beilen. Even Jan de With oppikken in Lexmond, vergaderen en een uur of twaalf terug naar hier. Nog even geiten kijken bij Jan. Zo kwam het wel eens voor dat ik om drie uur ’s nachts pas thuis was."
Dat hij gestopt is met de fokcommissie wil niet zeggen dat Durk niet meer actief is in de geitenbeweging. "Ik help ook bij het organiseren van de VEBO-keuring en ben voor onze eigen vereniging nog penningmeester."
   
Riethoeve Wiebo (Hircus Lambertus x Riethoeve Viola 53), volgens Durk de best fokkende bok. Celine 22 (AV87, uier 86) in 2010. Ze is een dochter van Riethoeve Wiebo.

Taaie melker
De Celines die Durk in het hok heeft, zijn niet van de oude stam die zijn vader ooit begonnen is. "In 1973 kocht mijn vader het lam Mieke bij mejuffrouw Van Oosterhout uit Soesterberg in de provincie Utrecht." Deze aankoop had nog wel wat voeten in de aarde omdat de bond van die provincie van deze ‘transfer’ niets moest weten. "Het werkte toen nog wat anders dan nu. De bonden hadden destijds best veel macht. Mijn vader heeft toen het lam door een ander laten kopen, zodat we Mieke toch in het hok kregen."

Mieke was een goede duurzame geit. Maar liefst elf jaar achtereen zorgde ze voor nakomelingen. "Mieke 6 (geboren in 1980, vader Karel) was haar beste dochter. Echter, ze was een taaie melker en om die reden heeft mijn vader haar op vierjarige leeftijd verkocht aan Hagoort in Ottoland." Taai melken was niet de enige reden waarom Durks vader een geit van de hand deed. "Er kon ook goed geld mee worden verdiend."

Doordat er veel goede dieren werden verkocht en de gezondheid van Durks vader achteruit ging, kwam de fokkerij van de familie van der Zee op een laag pitje te staan.
Begin jaren negentig werd er nog wel een nieuwe impuls gegeven aan de fokkerij door de aankoop van twee Rina’s (twee dochters van Hircus Felix) uit de stal van mevrouw Verdoold, maar deze geiten hebben geen noemenswaardige fokresultaten opgeleverd.

   
Grietje 34; Durk speurt naar geiten die dit type kunnen evenaren. Celine 3 (AV85, uier 85) in 2008. Zo wil Durk zijn geiten graag hebben.
Speuren naar ideaalbeeld
Pas in 2002 werd de fokkerij weer serieus opgepakt.
Durk kocht twee lammeren van familie de With. Celine (vader: Freark K) was daar één van. "Ze was drachtig van Walperter Gerwin."
Uit deze combinatie komt Celine 3 voort, de oude geit die nog steeds bij Durk op stal staat. "Haar volle zus Celine 2 was eigenlijk iets beter, maar zij kreeg op jonge leeftijd uierontsteking."
Celine 3 wordt niet meer gedekt. "Ze mag blijven lopen tot het niet meer gaat. Zoals ze er nu bij staat, gaat ze nog wel een tijdje mee."

Met zijn ideaalbeeld Grietje 34 van Klaas Jongschaap in het achterhoofd, een geit die hij als jongetje op de keuring nog heeft gezien, speurt Durk naar dieren die dit type kunnen evenaren. Hij let daarbij vooral op de middenhand. "Ik heb het idee dat geiten met een ruime middenhand en sterk beenwerk ouder kunnen worden dan geiten die deze eigenschappen niet hebben."
Om die reden heeft Durk een bokje besteld uit Nooro’s Roza 9 van Huib Noordermeer. "Een geit die net als Marijke 90 goed in balans is. Geiten hoeven van mij niet groot te zijn. Ze moeten vooral een tijd mee kunnen."

Dit artikel is verschenen in februari 2014 in "Geitenhouderij"

 

WWW.WITTEGEITEN.ORG